André

onderzoek naar samenwerken (1)

Het trappenhuis van het voormalig schoolgebouw is ruim, ruimer dan de meeste ateliers in het gebouw. De gymzaal werd opgedeeld tot een klein labyrint van ateliers, de klaslokalen werden gehalveerd. Het rijtje kleuter-wc’s aan het einde van de gang werd gesloopt maar de betegelde wanden bleven.

Op de bovenste verdieping is de gang leeg, op een keukenblok, een tekentafel, een vuilnisemmer en een stalen tekenkast na. Gang en trappenhuis zijn het verlengstuk van de ateliers die er op uitkomen. Er zijn tekenaars en schilders, er is een saxofonist en er is André die affiches verzamelt.

André kan niet wachten te worden bijgezet in het familiegraf. “Ach, dat boompje op het graf van mijn ouders bloeit zo prachtig,” zegt hij een paar keer per jaar. Op de tekenkast ligt een stapel affiches met op iedere hoek een Gouden Gids.

Hij klopt af en toe op mijn deur om een nieuw affiche te laten zien, of een affiche dat hij heeft teruggevonden in een van de vele kokers in de stelling van zijn betegelde atelier. Ook brengt hij bonbons mee of laat een briefje achter op de vuilnisemmer die wemelt van de fruitvliegjes omdat ik er een klokhuis in gooide. Hij plakte een waarschuwing op de klep: Miljoenen vliegjes!

Ons gezamenlijke huishouden beperkt zich tot twee gootsteenkastjes, een la, het aanrecht, de groene stofzuiger en twee stoelen. We lunchen op de gang, of drinken er thee. Hij vertelt mij over de kneepjes van zijn vak en over vrienden die hem ontvallen, ik doe hem een idee aan de hand voor een verjaarscadeau aan zijn kleindochter. Soms noem ik het krentenboompje. “Het is een Japanse esdoorn,” zegt hij, “geen krentenboom.”

In de la van het keukenblok liggen de vuilniszakken. We zijn het niet eens over de frequentie van vuilnis afvoeren en ook niet over de toonladders van de saxofoon. “Ik zal de vuilnisbak vandaag wel van een nieuwe zak voorzien,” zegt André terwijl hij in zijn glas thee blaast, “heb je suiker voor me?”.

Op het aanrecht staan twee schoteltjes met azijn. Het zijn vallen voor de fruitvliegjes, een van André en een van mij. We gebruiken verschillende recepten: huishoudazijn en balsamico-azijn met afwasmiddel.

André’s schoteltje is onaangeroerd, mijn schoteltje telt 18 dode vliegjes. Ik leg een briefje op het aanrecht met een pijl die wijst naar het balsamico-mengsel. Naast de pijl schreef ik in koeienletters: gewonnen!