perspectief

onderzoek naar ruimte (2)

Aan het begin van de middag verruil ik het bed voor de bank. Ik rits de blauwe slaapzak dicht, schik de kussens en bekijk het uitzicht. De vloer en de wand weerkaatsen winterlicht.

Wapenfeit van gisteren was de vaat, wapenfeit van vandaag klinkt vanuit de gang: de was zit in de machine. Ik doorloop het hele scala aan facetten behorend bij griep. Dit gaat al dagen zo, ik begin er aan te wennen.

Uren bekijk ik vanuit mijn cockpit het licht op de witte wanden. De tijd verstrijkt zichtbaar nu er niets te doen is. Dat was lang geleden.

De zijdeglansplinten spiegelen in het marmoleum. De thee is lauw en smaakt naar niets. Het blauw van mijn astronautenpak kleurt de muur boven de bank. Ik verveel me en vind het best. Het nieuwe perspectief is leeg en bekoorlijk.